Gebuisd

dinsdag, december 11, 2007

Onze vijftien minuten roem zijn bijna om. Nog één aflevering van Babyboom, en dan zijn we terug een statistisch element der Vlaamsche demografie. Sta me toe tot dan de zonnebril op te zetten en de horden fans handtekeningen te weigeren.
De commentaren tot nu toe variëren nogal. Niemand in de familie heeft mij openlijk durven uitlachen. Dat kan natuurlijk maar twee dingen betekenen. Welke twee, dat laat ik aan de lezer over.
In de vriendenkring leefde de schroom niet zo. Vooral de eerste beelden openbaarden een Igor en Sandy die een ongeziene houterigheid aan de dag legden. Wat verwacht je ook. Als je tijdens je eerste opnames voor de vierde keer de opwelling moet veinzen om met de hond te wandelen, is het spontane er wel een beetje af. Een beetje zoals je in je hoofd tien verschillende originele openingszinnen repeteert, om met een afknappend "kom je hier vaker?" dat mooie meisje ten dans te vragen.
Ok, een Robert de Niro draait er zijn hand niet voor om, maar net vanwege dat soort verdiensten zit hij niet in de serie. Nu, mijn eigen vrienden slagen erin de bewuste conversatie dermate droog te acteren, dat de Pampers Baby-dry erbij in het niet valt. Hilariteit verzekerd. Bedankt "vrienden"!
En dan zijn er nog de mensen die van hun mening hun broodwinning hebben gemaakt. Het nadeel daarvan is dat je er altijd één moet hebben. Een mening bedoel ik. Zo meent Christophe Vekeman in De Morgen een grappige parallel gevonden te hebben tussen onze omgang met de hond en Sterre. Ik kan er alleen maar om monkelen, niet alleen uit psychologische zelfbescherming, maar omdat ik - toegegeven, op zwaar amateuristisch niveau - weet hoe moeilijk het is wekelijks stelling te nemen. Het is trouwens altíjd dankbaar een satirisch stukje over bevallingsprogramma's te schrijven, net omdat vruchtwater, schaamlippen en tepelkloven zo'n lekkere krachttermen zijn.
Wat me echter dan weer meevalt is dat ons zware Limburgse accent en de schabouwelijke articulatie van zijn scherpe pen gespaard blijven, nochtans vaak genoeg een reden tot gratuit leedvermaak. Vermoedelijk is met de actuele overdaad aan docusoaps de lol daar ook wel een beetje vanaf. Je vindt elke dag wel ergens een Limburger, West-Vlaming of, godbetert, een Antwerpenaar op de buis die het Nederlands op gruwelijke wijze kastijdt. En ik lach ze zelf ook vaak genoeg uit.
"Waarom doe je nu eigenlijk zoiets?" is een veelgestelde vraag. Vooral door mensen die er meteen aan toevoegen dat ze zelf nooit aan zoiets zouden deelnemen. Men doelt dan op het publiek opkloppen van de zielenroerselen. Noem het ijdelheid of zo. Dat, en een heleboel waardebonnen van Molecule. In ieder geval genoeg om een rit van twee uur heen en twee uur terug te verantwoorden. Onze woonplaats en dat vermaledijde koopcentrum zijn namelijk voor België wat de Noordpool en de Zuidpool voor Steve Fosset zijn. Of beter: waren.
Zij het dan dat we in dat winkelcentrum blijkbaar vaker herkend worden dan op het thuisfront. Tijdens ons uitstapje van enkele uren, worden we bijvoorbeeld een vijftal keren aangeklampt door mensen die "ons gisteren op televies gezien hebben". Die ervaring maakt me stukken wijzer over het doelpubliek van het programma. Profiel:
- geslacht: vrouw
- gemiddelde leeftijd: 60
Maar ach, bekendheid is erg relatief. Want 200 km verder in mijn eigen dorp heeft nog niemand gerefereerd aan de publieke performance. Een sponsorship van de plaatselijke supermarkt middels kraagreclame zal er daarom wel niet inzitten, vrees ik. Maar vertel me eens, wat heeft Jean-Marie Pfaff, behalve foute blonde lokken, dat ik niet heb?

Labels: ,

Sterren op de dansvloer

zaterdag, mei 12, 2007

Een spacewagon vertraagt en houdt halt voor het huis van de buren. Drie jongemannen springen uit de auto en tasten naarstig allerlei materiaal uit het voertuig. Ik herken onder andere een camera en een microfoon, maar daar houdt het met mijn lekenkennis op. Als het trio zich bepakt richting ons huis begeeft, snel ik alvast naar de voordeur. Dit is de verwachte productieploeg van Babyboom die ons vandaag een dagje zal volgen. Ze parkeerden de wagen alvast buiten het zicht van de geplande opnames.
Ik gooi de deur open en begroet het olijke drietal dat zichzelf voorstelt als regisseur, cameraman en geluidstechnicus. Hoewel er 2 van Gent komen, is het hen nauwelijks aan te horen. Dat wil wel eens anders zijn met die mensen. Anderzijds vermoed ik een, door onszelf onwaarneembaar, zwaar Limburgs accent van onzentwege, alsook een onduidelijke articulatie. Kortom: dit zal ondertiteld worden.
Vooral de regisseur ontpopt zich al snel tot iets wat men in minder gereserveerde kringen als 'kwibus' zou omschrijven. Op een onbewaakt moment zal zelfs het woord ADHD vallen. Onderhoudend is hij in ieder geval wel.
Voor de eerste opnamen ben ik meteen overbodig. Sandy moet namelijk camerageniek zitten smachten naar haar man die elk moment thuis kan komen. Ik pak dan maar de auto en ga 500 m verder bij mijn ouders zitten wachten op een seintje. Dat is televisie.
Een half uurtje later, na mijn blijde intrede, nemen Sandy en ik het geregisseerde besluit met Baloe te gaan wandelen. Aangezien er een flinke wind staat, worden onze draadloze microfoontjes voorzien van een soort ontplofte knuffelvliegen. Een betere omschrijving voor het beschermkapje kan ik helaas niet verzinnen. Terwijl we langs het kanaal struinen, blaast een windvlaag het pluche ding inmiddels voor de derde maal weg. Baloe neemt meteen poolshoogte van het vreemde object, tot zichtbare verschrikking van de geluidsjongen. En terecht, want een moment later is het hoesje herleid tot een nat, slijmerig zwart stukje stof. Ik neem snel mijn zakdoek en veeg excuserenderwijs het vocht weg, mij dan pas realiserend dat ook dat beeld de jongen niet meteen zal geruststellen. De zakdoek betrof in ieder geval geen vers gestreken exemplaar.
Als plots mijn GSM rinkelt, besef ik ineens dat we door de hele filmtoestand de klok uit het oog verloren zijn. Het uurtje babysitten dat we aan mijn zus beloofd hadden, halen we niet meer. Dat heet dan de tol van de roem. Echte sterren zijn altijd te laat. De regisseur kijkt wat meewarig en veinst medeleven om te besluiten met: "Maar, dat komt wel in orde, toch?" De andere crewleden schieten in een lachkramp om zijn sociale gestuntel. De jongeman zal later nog onthullen dat hij vrijgezel is, en ik heb een vaag vermoeden dat ik daar passende verklaringen bij kan verzinnen.
Terug thuis acht de ploeg het belangrijk wat beelden van alle Eeyore's te schieten, omdat de aanwezigheid van al die knuffels en beeldjes nu eenmaal moeilijk te negeren valt. Zomaar wat beelden filmen is echter nooit een optie, dus verzint de regisseur dat Sandy de beeldjes afstoft. Ik werp op dat dat redelijk ongeloofwaardig gaat overkomen. Dat zou hetzelfde zijn als Michel Vandenbossche filmen terwijl hij een Big Mac bestelt. Een leuk idee, maar niet erg natuurlijk. Om maar even aan te geven dat Sandy zo ongeveer nooit de meer dan honderd beeldjes met de stofdoek bewerkt. Het eindresultaat is eigenlijk nog minder flatterend: Sandy pakt één voor één wat ornamenten van het rek om ze bijna fetisjistich te bewonderen en dan terug te plaatsen. Terwijl ik het tafereel gadesla, hoop ik stilletjes dat de eindregie wel raad weet met die beelden. Nuja, in het slechtste geval komt Sandy eruit als een mentaal instabiele vrouw die haar Eeyorefetisjisme koestert teneinde het gebrek aan affectie te compenseren.
Pas echt hilarisch wordt het als de volgende vraag wordt ingezet: "Als je nu moest kiezen tussen de hond en de baby ... " De rest van de ploeg houdt het met moeite droog terwijl de regisseur de ineptheid van zijn vraag inziet. Er zullen mij overigens vast wel quotes ontlokt zijn die, buiten de context geplaatst, eenzelfde groteskheid tentoonspreiden. Immers, als het beeld of het geluid niet goed is, en je spontane gedachten weer eens opnieuw moet verwoorden, sneuvelt meestal als eerste de nuance.
Tegen de avond is het tijd voor de apotheose: de dansles. Terwijl we de zaal binnenwandelen met de ploeg in ons kielzog, draaien als op commando alle hoofden onze richting uit. Ik onderdruk de neiging me te verontschuldigen voor de onverdiende aandacht. We wandelen vervolgens de zaal nogmaals binnen, want dat moet ook nog langs voren gefilmd worden.
Sandy en ik nemen plaats op de dansvloer terwijl elke misstap zorgvuldig op magnetische tape wordt geregistreerd. Als een zonnestelsel wentelt de ploeg rond ons, de sterren, terwijl ze zich ternauwernood uit beeld rennen. Het heeft soms wat weg van een ronddraaiende slinger die met middelpuntvliedende kracht zichzelf nog net bij elkaar kan houden.
Na een klein uur houden we het voor bekeken, de ene moegedanst, de ander moegefilmd. We zitten nog wat na te puffen als mijnheer pastoor - die schijnbaar een neus voor dit soort dingen heeft, want ik heb hem hier nog nooit gezien - voorzichtig komt melden dat er hier morgen een 65-jarig huwelijksfeest plaatsvindt. De cameraman kijkt een beetje beteuterd en knikt begrijpend. Ik denk echter niet dat hier morgen een filmploeg staat.
Nog enkele malen zullen we op dezelfde manier gevolgd worden, om vanaf september op de buis te komen. In uw huiskamer beste kijker. Wie nog handtekeningen wilt, kan ze dus maar beter nu vragen, want die zullen behoorlijk in waarde stijgen.

Labels:

Reality check

donderdag, november 30, 2006

Het heeft zo zijn voordelen een halve Indo te zijn. De generatie van mijn moeder draait de hand niet om voor een copieuze maaltijd meer of minder. In de praktijk betekent dat op regelmatige basis genieten van Nasi, Saté, Babi Ketjap en dies meer. Dat staat wel in schril contrast met de zweetvoetengeur die de bereiding met zich meebrengt. Een kenner identificeert meteen trassi als de boosdoener, een essentieel maar gruwelijk stinkend ingrediënt. Wie argeloos en zonder professionele hulp netjes het kookboek volgt, zal tijdens het toevoegen van het zweetvoetenextract vermoeden dat hij zijn gerecht om zeep helpt. Maar niets is minder waar, zoals ik vorige maandag weer heb mogen getuigen.
Onder het genot van een feestelijk maal, werd er in familiekring weer gezellig bijgebabbeld. Op de achtergrond liep Jonas, zoon van mijn zus en mijn petekind, zijn ballonfetisj te etaleren. Een buitengewone fascinatie voor de rubberen luchtzak doet hem hele dagen met die dingen rondlopen. Als de juf in het eerste leerjaar ooit vraagt wat hij wil worden, is het antwoord ongetwijfeld "ballonnenverkoper in een pretpark". Hopelijk hoeft hij zijn beroepskeuze niet tijdens een laagconjunctuur te maken, want dan hoeft de realiteit er niet per se ver naast te liggen. Tot dan heeft hij echter nog genoeg tijd om luchtkastelen bij elkaar te dromen.
Over reality gesproken (ja, ik weet het, maar ik moet toch op een manier een bruggetje maken). Afgelopen weekend vond de ontknoping van de zoveelste commerciële realitysoap plaats: "Undercover Lover". Om het IQ van de kandidaten tegemoet te komen, is de opzet van het spel simpel gehouden: de helft van een koppel moet zich 2 weken lang in een gemengd gezelschap als vrijgezel voordoen. Wie niet door de mand valt, wint de prijzenpot. Ik heb geen enkele aflevering gezien, maar bij het slot moest ik toch regelmatig hardop lachen. De dekhengst die gedurende zijn verblijf de ene gerichte zaadlozing na de andere pleegde, zag € 100 000 aan zijn neus voorbij gaan, ten faveure van een jongen die maar 2 blote tepels van dichtbij had gezien, namelijk die van zichzelf. Dat is alleszins het verhaal dat de regie van de beelden heeft gebreid. Ik geloof het graag, want het biedt perspectief op ongebreideld, tevens entertainend leedvermaak.
Ik kan het de anti-macho in mij wel vergeven. Regelmatig word ik immers geconfronteerd met haantjesgedrag of behaviorale afwijkingen die een plaatselijke evolutionaire stilstand suggereren. Van de week zag ik bijvoorbeeld een buschauffeur omstandig een kauwgom manipuleren met zijn mond. Dan vraag ik mij meteen af: wat drijft zo iemand? Zijn er hele bevolkingslagen waar het lawaaierig open-en-dichtklappen van de mond een sociaal gebeuren is? Uit de man zo zijn virtuele schreeuw om aandacht? Of heeft hij gewoon een blokkage op zijn gezichtsspieren? Ik weet namelijk uit ervaring dat het perfect mogelijk is te kauwen met gesloten mond.
Maar ach, als het op manifestatiedrang aankomt, zal elke man wel boter op het hoofd hebben. Ik heb ook wel eens rondgereden in een auto met open ramen en de muziek op 10 terwijl het buiten evenveel graden was. Het is zo zinloos, en juist daarom is het zo een interessant fenomeen. Wat voor psychologie gaat er schuil achter een boomcar? Welk effect sorteert de Johnny in de cabrio met beats op de schaal van Richter? Pure aandachttrekkerij kan het niet zijn, want dan kan je evengoed midden in de stad je broek op je enkels laten zakken. Dat is nog een stuk goedkoper ook. Het zal wel iets te maken hebben met het feit dat alles op vier wielen voor mannen een verlengstuk is. Alleen die harde muziek kan ik moeilijk plaatsen. Misschien heeft het wel te maken met het synoniem "fluit": hoe harder, hoe meer te compenseren.
Ik weet echter niet waar ik Jonas later het liefst zou zien opduiken: in een verlaagde Volkswagen (Audi tegen die tijd) met 500 WATT boxen of in een pretpark met 500 heliumballonnen.

Labels: ,

Tinkelbel en de baardaap

vrijdag, november 10, 2006

Het combineren van een blog en het leiden van een oninteressant leven is niet altijd even gemakkelijk. Als de inspiratiebron droog staat, zie je je wel eens genoodzaakt om een graai te doen uit de opportunistische trukendoos. Wat bijvoorbeeld altijd werkt, is televisie kijken, want dat is (1) ontspannend, (2) vaak debiel genoeg om te inspireren voor een rant en (3) meestal nog extreem ook ("extreem" verkoopt). Oh ja, en het belangrijkste vergeet ik nog: elk hersenloos schepsel met 2 werkende ogen kan het. Waarmee ik uiteraard niets probeer te impliceren.
Eergisteren, vlak voor het slapen gaan, was het in ieder geval raak. Terwijl het flitsende beeld mijn gelaat verlichtte, liet ik nog 1 maal alle kanalen de revue passeren. Nu is "zappen" een activiteit die ik in een jeugdig en ideologisch verleden als verwerpelijk beschouwde, maar in subcomateuze toestand speel je niet veel anders meer klaar. Plots huppelde voor mijn ogen een volwassen man in een roze balletpakje rond, inclusief tutu, stoffen vleugels en een toverstaf. Een buitenmaatse Tinkelbel, zeg maar. Ik bleek beland te zijn in een aflevering van het legendarische en bijwijlen ronduit hilarische JackAss. Na het tafereel even gadegeslagen te hebben, vernam ik dat het verschijnsel zichzelf "The Meter Fairy" noemde en dat het zich belangeloos bezighield met bijvullen van verlopen parkeermeters.
Het enthousiaste gespring van de lachwekkend geklede Ehren McGhehey was echter niet wat mij met verstomming sloeg. Verscheidene parkeerwachters konden de grap namelijk niet naar waarde schatten en wezen de fee op het illegale karakter van zijn/haar activiteit. Met andere woorden: het was zogezegd verboden om voor andere mensen de parkeermeter bij te vullen!
Ik sloot mijn mond, die net 5 minuten open had gehangen van verbazing, en liet de Desmond Morris in mij aan het woord. Evolutionair gezien was de reactie van de wetsdienaren volkomen logisch. De "Meter Fairy" raakte immers aan hun bestaansrecht: het verlopen van een parkeermeter. Of hoe er achter schijnbaar kinderlijk vermaak een wereld van psychologie schuilgaat.
Er zijn echter ook infantiele programma's waar, na het afpellen van het flinterdunne laagje vermaak, een gapende leegte achterblijft. Dergelijk gevoel plegen afleveringen van SOS Piet bij mij op te roepen. Als kok dezer dagen is het al moeilijk genoeg om niet op tv te komen, maar zoals het een echte meesterkok betaamt, zul je de heer Huysentruyt ook niet betrappen op enige vorm van bescheidenheid of tact. Hij weet waarvoor hij in de business is gestapt.
Het concept is eenvoudig: iemand laat een taart aanbranden, belt Piet, laat onder zijn goedkeurend oog nog een taart aanbranden, en laat tenslotte, dankzij Piets hulp, de taart niet nog eens aanbranden. Om het simplistisch karakter te benadrukken, acht de beroepsmatig voedingsdeskundige het nodig de gastpersoon op tijd en stond als een West-Vlaamse kleuter te benaderen. Dat gaat dan ongeveer als volgt: "Da ziede van hier dat uw taart nooit haat hlukken", niet in acht nemende dat de amateur een hobbyist zonder kookopleiding is. Evengoed zou hij de arme mens kunnen uitlachen omdat hij de standaarddeviatie van een Gausscurve niet kan berekenen. Iedereen weet toch dat ? Om het zout in de flauwe wonde te wrijven, overloopt hij aan het eind klassikaal alles "wat we vandaah heleerd gebben". Zelfingenomenheid is een afwijking als een ander.
Een dergelijk persoon, amper het correct Nederlands machtig, geeft nota bene ook nog signeersessies op de boekenbeurs. Je weet wel, dat evenement waarvan het bestaansrecht direct samenhangt met elegant en zorgvuldig taalgebruik. Zwaarmoedig word je ervan.
In het gastenboek op mijn site suggereert een lieve tante (niet smalend bedoeld: het is echt een tante) om een uitgever mijn eigen schrijfsels aan te smeren. Ik ben geneigd me daar weinig illusies over te maken. Er zijn zat betere schrijvers en bloggers die ondanks een actieve queeste hun ei niet geperst krijgen. Aan de andere kant, als zo een baardaap met fornuisfeeling door een uitgever het papier waardig bevonden wordt, dan kunnen ze evengoed het halve internet op papier zetten. Begin de bomen maar al te vellen.

Labels:

Sleutelloos

woensdag, november 01, 2006

Realiteit overtreft fictie Murphy-gewijs: als je maar lang genoeg wacht. Zo ontlokte dit weekend een reality-programma aan mij een, noem het verbijsterde blik. Onder het mom van sociaal experiment werden 9 sociaal hopelozen, de nerds, onder 1 dak gehuisd met 9 intellectueel inferieuren, de beauty's. Het experiment bestond erin dat beide groepen aan elkaars handicap sleutelden om te zien hoe ver ze daarmee zouden komen. Het omgekeerd zou natuurlijk veel leuker zijn, als aan het eind van de rit blijkt dat de beauty al haar vrienden kwijt is en de nerd niet meer kan vertellen hoeveel 2 dozijn is.
Dat laatste verzin ik overigens niet zelf, want de dame in kwestie wist te vertellen dat dat ergens rond de 1000 moest liggen. Ik ken haar achtergrond niet, maar iemand die vroegtijdig de schoolbanken verliet, kan je deze blunder niet kwalijk nemen. Dat doen de nerds wel. Persoonlijk tracht ik nooit mensen uit te lachen op basis van intellectuele vermogens, maar sommigen maken het wel heel moeilijk. Het dozijn-meisje kwam al aardig in de buurt.
Maar het ergste moet nog komen. Een weinig later werd ik efficiënt met verstomming geslagen, mocht ik al aan het praten zijn geweest. De dame daarvoor verantwoordelijk spuwde uit dat ze "medelijden had met mensen zonder stijl". Ze deed het waarlijk klinken als een ernstige aandoening die een zware behandeling vereist of misschien wel euthanasie. Gelukkig had ze niet voor dokter gestudeerd: één Mengele is genoeg geweest. Het kind kwam recht uit Clueless gelopen, een filmische lezing over leeghoofdigheid. Waarschijnlijk zonder haar eigen verdienste naar waarde te schatten, had het wicht eigenhandig de fictie ingehaald. Wat toch wel een vermelding waard is. Ik zou niet 1 2 3 weten waar, maar blijkbaar toch minstens op deze blog.

Labels:

Kanaliseren

zondag, oktober 29, 2006

Vrijdag zouden we normaal gekookt hebben voor een ex-collega. Sandy en ik zouden beiden echter te laat thuis zijn om eten te voorzien, dus werd de afspraak geannuleerd. Opportunistisch als we zijn, hebben we ons dan maar zelf ergens laten uitnodigen, alwaar we gourmet voorgeschoteld kregen. Moesten we alsnog zelf aan slag.
De gastheer en gastvrouw wonen al enige tijd in een aantal bij elkaar geschraapte containers, voorzien van de nodig nuts. Zelf verkiezen ze het woord "unit" als ze het over hun stulp hebben, waarschijnlijk omdat mensen anders de indruk krijgen dat ze in een afvalbak wonen. De bedoeling is dat ze op hetzelfde erf eigenhandig een woonst rechttrekken, maar zich in de tussentijd behelpen op die beperkt aantal vierkante meters. Een flinke relatietest, als je het mij vraagt. Wanneer de bouwstress je boven het hoofd groeit, kan je wel boos een andere kamer instormen, maar na 10 meter loop je toch weer tegen de muren op. Ik ken, behalve Temptation Island maar 1 efficiëntere manier om een relatie om zeep te helpen: op dansles gaan.
Anderzijds kan ik het iedereen aanraden een paar zetels in een container te duwen en wat kaarsen aan te steken. Het is erg gezellig, en als van het één het ander komt, zal je GSM je niet storen: die heeft toch geen bereik in zo'n ijzerwerk.
's Nachts na tweeën (onwillekeurig neuriet mijn brein plots 'dan gaat het dak hier altijd naar beneeën'), bij aankomst thuis, werden we traditioneel verwelkomd door de wild heen en weer springende witte vlek, beter bekend als het uiteinde van Baloe zijn staart. Een laatste wandeling drong zich op. De anders zo idyllische rust langs het kanaal had echter plaatsgemaakt voor een stel uitgelaten pubers in de verte. Het donker verhulde de precieze details, maar in mijn fantasie gaven ze zich over aan de vrijheid van het duister. De toekomst ligt op straat.
Het bleken allemaal erg voorbarige conclusies, want op de terugweg stootte ik op de buren van een eind verderop. Ze hadden blijkbaar bezoek en onder invloed besloten nog een duik in het kanaal te wagen. Ze leken er alleszins niet op te rekenen dat iemand op dit onchristelijk uur nog zijn hond uitlaat. Getuige een vrouw die nog snel een handdoek voor de blote borsten sloeg. Enthousiast als Baloe altijd is, poogde hij nog tegen één van de gasten op te springen, die in zijn toestand enkel kon uitbrengen: "Hij valt mij aan". Het enige gevaar dat de man echter liep, was doodgelikt te worden.
Je kon duidelijk zien dat het gezelschap een bijzondere avond achter de rug had en dat puberaal plezier tijdelijk (?) tot norm verheven was. Geef de mensen eens ongelijk. Iemand als George Bush zou verplicht moeten worden zich periodiek aan dergelijke escapades over te geven, en af en toe midden in de nacht met vrienden halfnaakt een zwaar vervuild kanaal in te duiken. Het zou enerzijds de wereldproblemen in perspectief plaatsen, en anderzijds de noodzaak van Kyoto onderstrepen. In gedachten crawlen Poetin en Sjors voor het snelst naar de overkant, onderwijl refererend aan de succesvolle potige zwemsters die het communisme nog heeft voortgebracht. Het enige probleem is natuurlijk dat er geen kanaal ligt langs het Witte Huis of het Kremlin. Voor een beter wereld begin ik alvast te graven.

Labels: , ,

Valid XHTML 1.0 Strict Correct CSS! Add to Technorati Favorites