Suiker
Suikerbonen, wie heeft het ooit verzonnen? Niet alleen dacht iemand ooit: "he, als ik die chocolade nu eens in gesmolten suiker gooi?", diezelfde idioot vond ook nodig dat al zijn vrienden en familie zulks cadeau zouden krijgen bij het ter perse gaan van zijn of haar kind. Die traditie heeft onderhand zulke groteske proporties aangenomen, dat je er met een simpel "bedankt voor het bezoekje" niet meer vanaf komt.
Zo komt het dat wij, na het vastleggen van onze geboortelijst (voor de Nederlanders die dit gebruik niet eigen zijn: een lijst met cadeauvoorstellen voor de baby) op weg naar huis een suikerbonenboer passeren. Terwijl ik er achteloos voorbij rij, maakt Sandy mij attent op de, tussen lintbebouwing verstopte, etalage. Qua thematiek laat die weinig aan de verbeelding over: de overvloedige pasteltinten verraden dat het niet om een frituur of iets dergelijks gaat. Aldus gooi ik het stuur om.
We stappen de lege winkel binnen. Nuja, leeg; vanuit elke hoek staart je wel een lief beertje of een stereotyp geboortepresentje aan. Met leeg doel ik op personeel, want de vermoedelijke eigenares komt vanuit de aanpalende woning aangestormd.
Terwijl Sandy en ik, goedkeuring veinzend, de tientallen "leuke" potjes en buisjes met suikerbonen monsteren, steekt de middelbare vrouw van wal. Vanachter de toonbank tovert ze een foto-album tevoorschijn. In sneltreinvaart flitsen de pagina's voor onze ogen, begeleid door de aflopende verkoopster. In de occasionele korte pauze worden we aangestaard door iets te ver doorgetrokken eyeliner.
Af en toe probeer ik bevestigend te knikken, maar ik geef het op als de waterval blijft aanhouden. Omdat ik toch eerder iemand van de dialoog ben, wacht ik op een stilte in de alleenspraak als een kikker op een rustende vlieg. Snel sla ik mijn tong uit en probeer ik te opperen: "we zoeken eigenlijk iets speciaals." Volgens mij is dat het eerste wat ik uitbreng sinds ik in de winkel sta, maar blijkbaar is dat ook meteen tegen het zere been van de verkoopster.
Ze ontsteekt in een volgende eenmansakte, maar nu iets furieuzer dan voorheen. Helemaal samenhangend is het niet, maar het komt er ongeveer op neer dat haar leveranciers niet aan variatie doen en dat de zeepjesindustrie de suikerbonenbusiness kapot maakt. Een paar minuten en wat instemmend geknik later, heb ik al spijt dat ik ook maar durfde suggereren dat de aanwezige goederen niet voldeden aan ons verwachtingspatroon. Ik verbeid de volgende pauze om te mompelen dat we ons nog maar zijn aan het oriënteren en dat ik het wel gezien heb. Een beetje verbouwereerd druipen Sandy en ik af.
Misschien moet ik in de volgende winkel toch nog iets voorzichtiger zijn bij het uiten van onze wensen...